

| Jan Jonkman |
|
Legendarische Jan Jonkman blikt terug op een ‘prachtige tijd’ Door Rinus Verberkmoes. Mei 2006. Praten over voetbal, over de oude tijd, de glorietijd van Axel waarin – zo wil het oude clublied – Toon van de Velde, Jan Jonkman, Jo Dey, centraal stonden – ontstaat er weer een fonkeling in de ogen van Jan Jonkman. Een legendarische ex voetballer van Oranje-Wit, die momenteel in Hulst woonachtig is. Een plaats waar hij 20 jaar geleden naar toe trok. Hij was toen zestig en een meer dan gewaardeerd clublid. Het waren woelige oorlogsjaren toen Jan Jonkman als talentvol speler bij Axel in de hoofdmacht kwam. Knapen van achttien jaar en ouder werden in Duitsland te werk gesteld. Jan was toen zestien, vrij van werken over de grens en kon daardoor bij Axel ingezet worden in een team dat nog altijd een legendarische klank heeft. Met name de ouderen onder ons zullen het oude clublied herkennen. Een ode aan de mannen die de faam van Axel hoog hielden. “We werden in de toenmalige derde klasse bijna elk jaar kampioen. Promoveren was er echter niet bij. Brabant was te ver. Spelen deden we overal in de regio. Soms hadden we daar al een hele dag voor nodig”, weet Jan, die ooit met de toen nog in Zeeuws-Vlaanderen rondrijdende tram eens naar Aardenburg moest. Vertrek uit Axel, negen uur. Een dagtocht die opgeluisterd werd door accordeonist Jan Rijk. Daaraan terugdenkend, geniet de van een heupoperatie herstellende Jan Jonkman zichtbaar. Zo ook als zijn oude maatjes als voornoemden en doelman Henk Dieleman, Arjaan de Beer, Ko Verpoorte, Arjaan Sijs, Leon Polfliet en Jan Jansen de revue passeren. Met laatstgenoemde vormde Jan als voorzitter lange tijd samen met Cor Machielsen, Rinus Lindthout en Adri Scheele het jeugdbestuur. Jan herinnert zich dat alles als ‘een prachtige tijd’. Armoe was er ook. Ook Jan ontkwam er niet aan. Zo waren zijn eerste voetbalschoenen met stalen neuzen en leren noppen met spijkers afdankertjes van Johan Broekhoven. Jan was er blij mee, kon zich daardoor op zijn favoriete positie, rechtsbinnen in het WM-systeem, waar maken om zich vervolgens bij thuiswedstrijden te wassen met water uit de achter het voetbalveld gelegen kanaaltje waarmee de zinken bekkens gevuld werden. Een hele verbetering was de aanleg, onder regie van wijlen Toon van de Velde, van een waterleiding vanaf de kinderdijk naar het veld, weet Jan nog. Het volgende station was traditiegetrouw het clubhuis ’s-Lands Welvaren in de Noordstraat waar Cees en Riet Jansen de scepter zwaaiden. Tevens vertrek- en aankomstpunt bij uitwedstrijden. Een pleisterplaats waar de duels onder het genot van een pint nog eens dunnetjes werden overgespeeld. Gezelligheid troef. Met name dat is wat Jan het meest is bijgebleven. Tevens de reden waarvoor hij regelmatig nog eens door Axel toert om de veranderingen in zich op te nemen. En om van afstand nog eens een blik te werpen richting Axelse bos waar hij, net als zijn zoon Gerard, triomfen vierde.
|



