KO MAAS Ko Maas zeventig jaar verbonden met voetbalclub Axel Door Rinus Verberkmoes
‘Eens besmet met het voetbalvirus, altijd besmet’, is stelling die bij Ko Maas zonder meer van toepassing is. Op bijna 85-jarige leeftijd slaat hij dan ook vrijwel nooit een thuiswedstrijd van de hoofdmacht over. “Ik voetbalde altijd met plezier en zie het nog altijd graag”, zegt hij over zijn favoriete sport. Plus, zo benadrukt hij: “Ik ben een Axelaar en zal altijd de VV Axel trouw blijven.”
Ko, die inmiddels al bijna twintig jaar klant van ‘Drees’ is, was in zijn werkzame leven een vaste kracht bij de algemene dienst van de toenmalige gemeente Axel. Als voetballer kwam hij omstreeks zijn zestiende jaar in beeld. Een tijd waarin de leest, hamer en vijl nog tot de vaste inboedel van de kleedlokalen behoorde. Noodzakelijke attributen om de spijkers in de noppen bij te werken omdat deze langzamer sleten dan de leertjes die zij bijeen moesten houden. Momenteel ondenkbaar net als een bal met een veter. Aan het plezier deed het echter niets af, weet Ko, terugblikkend op die tijd. Ko was een voetballer die het, zoals hij stelt, moest hebben van de inzet. Als rechtshalf leefde hij zich uit in het eerste team (veelal als invaller) en in het tweede. “In de jaren die ik voetbalde, alles bij elkaar zo’s dertig jaar, heb ik alles meegemaakt. Zowel ups als downs. Het hoort er allemaal bij. Het enige waar ik me minder prettig bij voelde, was de kliekjesvorming, die je in het begin nog wel een tegenkwam. Voor mij hoefde dat niet. Ik was meer een man die graag plezier maakte met iedereen. Zo was het en zo is het altijd gebleven.” Dat het voetballen over de grens vroeger anders beleefd werd, dan momenteel, staat Ko nog helder voor de geest. Met name de wedstrijden tegen Moerbeke waren voor hem aparte ervaringen. “Met een muziekcorps werden we ontvangen. En voor de wedstrijd begon, speelde men eerst het Wilhelmus en de Brabasonne. Men zag dat als een internationale wedstrijd. Hartstikke leuk om mee te maken en op terug te zien.” Evenzo koestert Ko Maas de herinnering die hij heeft aan de toenmalige in Gent woonachtige trainer Colpaert, die hij een fantastische trainer noemt. Dat de tweede wereldoorlog niet aan Ko voorbij ging, mag gezien zijn leeftijd duidelijk zijn. De tijd dat hij te werk gesteld werd in Duitsland is voor hem een onvergetelijke episode. “Twee en een half jaar heb ik daar in een staalfabriek gewerkt. Tachtig uur per week moesten we draaien zonder verlof. Toch werd het toegestaan dat ik een voetbalteam oprichtte. Ik kreeg er zelfs steun voor omdat de directeur ook van voetballen hield. Wedstrijden spelen deden we op het sportpark, waar drie voetbalvelden lagen. Je kunt wel nagaan hoe fanatiek er gespeeld werd tegen de Duitse tegenstanders.” Dat Ko Maas als omstreeks 45-jarige als voetballer afhaakte, doet hem nog altijd een beetje pijn. “Het liefst zou ik nu nog altijd tegen een bal willen trappen. Helaas laten mijn knieën dat niet meer toe. Ik moet me daarom maar tevreden stellen met de rol van een supporter, die graag voetbal ziet.” Dat hij hier wat Axel betreft, enige kanttekeningen zet, is hem niet kwalijk te nemen. Zo vindt hij de huidige hoofdmacht van Axel iets te wisselvallig spelen. “Soms zijn het goede wedstrijden, maar helaas zitten er ook tussen die onder de maat blijven. Maar ja, ondanks dat, zie je toch het liefst je eigen clubje winnen. Zo is het wel.” Voor Ko is en was dat altijd een reden om jarenlang de gang naar het Axelse bos te maken. |